REGIOPLAN NOORDZEEKANAALGEBIED

Regioplan van het noordzeekanaal met 45 projecten.

Voor u ligt het Regioplan NZKG, waar de afgelopen periode samen met de industrie in de regio en de partners van het Bestuursplatform Energietransitie NZKG hard aan is gewerkt. Het Regioplan schetst een beeld van de ontwikkelingen op het gebied van industriële CO₂ emissie reductie en energiebesparing in het Noordzeekanaalgebied, op initiatief van het Koplopersoverleg. De CO₂ reductie doelstelling is voor de industrie in het NZKG, zoals afgesproken in het Klimaatakkoord, 4,2 Mton. Het Regioplan NZKG bevat 45 projecten, ingediend door de bedrijven in de regio, die hieraan bij gaan dragen. Uit een eerste inventarisatie blijkt dat de projecten in potentie kunnen zorgen voor een CO₂-reductie van bijna 15 Mton. Dit is ruim boven de gestelde ambitie van 4,2 Mton voor het Noordzeekanaalgebied. Het leeuwendeel van deze reductie wordt gerealiseerd met de majeure projecten van Tata Steel (samen 7,4 Mton) en de sluiting van de Vattenfall Hemweg-kolencentrale (CO₂-reductie van 2,5 Mton). De overige projecten variëren in grootte en concreetheid, maar het staat vast dat de energietransitie bij alle bedrijven hoog op de agenda staat. 

Enerzijds is het Regioplan een mooie kans om de inspanningen voor het verlagen van CO₂ uitstoot te laten zien, anderzijds heeft het knelpunten en randvoorwaarden aan het licht gebracht. Knelpunten die realisatie en voortgang van projecten belemmeren, randvoorwaarden zonder welke projecten geen doorgang zullen vinden. Op basis van de input die bedrijven hebben geleverd, kunnen er een aantal conclusies worden getrokken: 

1. Samenwerking is essentieel. De energietransitie is een complexe opgave, waarbij vele partijen een stukje van de puzzel in handen hebben.

2. Onzekerheid vertraagt. De industrie heeft zekerheid nodig om te kunnen investeren. De energietransitie vraagt om hoge investeringen, die alleen zullen worden gedaan wanneer er een sluitende businesscase ligt. 

3. Zonder subsidies komen veel projecten niet van de grond. 

4. Energie-infrastructuur is in bijna alle gevallen een noodzakelijke, faciliterende randvoorwaarde. Hoe gaat het Regioplan bijdragen aan het verlagen van de CO₂ emissies in de regio, en wat zijn de vervolgstappen? We zien dat bedrijven hun eigen afwegingen maken en dat onzekerheid een afwachtende houding in de hand werkt. Veel bedrijven willen verduurzamen, maar kunnen dit niet alleen. Het Regioplan zoals het er nu ligt, beschouwen we als een eerste aanzet. De komende periode zal gebruikt worden om koppelkansen uit de projecten te filteren. Door projecten te koppelen en bedrijven met elkaar in contact te brengen kan synergie worden bereikt. Projecten die op zichzelf al een substantiële CO₂ emissie reductie potentie hebben, kunnen in sommige gevallen nog een veel grotere bijdrage aan de klimaatdoelstellingen leveren doordat zij andere projecten mogelijk maken of verder helpen. Zij fungeren als enabler. De regio zal een faciliteit opzetten om bedrijven te ondersteunen met kennis, capaciteit, netwerk en middelen om hun energie en klimaatprojecten en ­plannen te helpen realiseren. Hiervoor wordt een aparte subsidieregeling ontwikkeld. Ook wordt er gewerkt aan een uitvoeringsstrategie om te komen tot een hybride energiesysteem (integreren van CO₂, waterstof, elektriciteit en warmte). Ontwikkelingen die van belang zijn voor het industriecluster worden gemonitord en de samenhang tussen de verschillende trajecten (o.a. RES NHZ, Regionale Structuur Warmte) worden bewaakt door het Bestuursplatform Energietransitie NZKG. Naast inspanningen vanuit het industriecluster, is echter ook hulp nodig van het Rijk. We vragen het Rijk om: 

1. Samen met ons op te trekken in de realisatie van het Regioplan, zowel qua kennis als financieel en op het aspect van de wet- en regelgeving. Wat betreft de financiële regelingen vragen we om maatwerk bij de subsidieprojecten voor de regio’s. 

2. Te participeren in de transformatie van NZKG als (inter)nationale energyhub. 

3. Prioriteit te geven aan de realisatie van de energiehoofdinfrastructuur. 

4. Zowel coördinatie en helderheid met betrekking tot infrastructuur realisatie als actieve betrokkenheid en medewerking aan het versneld realiseren van no regret­projecten. 

5. Oplossingen voor PFAS en stikstofproblematiek die nu de uitvoering van energietransitie projecten in de weg staan.

Type: Beleidsstuk

13th July 2021