De economische samenhang tussen regio's in Nederland
Op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in het kader van de Beleidsverkenning Vestigingsklimaat Nederland (BVNL) onderzoek gedaan naar de economische samenhang tussen regio’s in Nederland. Een belangrijke reden voor dit onderzoek was om inzicht te krijgen in de effecten die optreden bij specifieke regionale investeringen, niet alleen op de economische ontwikkeling van de regio zelf, maar ook op die van de andere Nederlandse regio’s. Aan de ene kant is er consensus dat investeren in de economisch sterkste regio’s via agglomeratie-effecten leidt tot meer economische groei op nationaal niveau. Aan de andere kant is nog onbekend in hoeverre er regionale verdelingseffecten optreden van beleid gericht op de economisch sterkste (of juist zwakkere) regio’s.We hebben de ruimtelijk-economische samenhang van Nederlandse regio’s onderzocht op basis van gedetailleerde informatie over de economische productie in de Nederlandse provincies en de wijze waarop sectoren via toeleveranciersrelaties met elkaar zijn verbonden. Uit dit onderzoek volgt dat regio’s zelfstandig functionerende eenheden zijn die slechts in beperkte mate met elkaar samenhangen. Samenhang bestaat, maar op regionaal niveau past meer het beeld dat beleid gericht op regio’s vooral ten goede komt aan de betreffende regio zelf, en er geen sterke trickle-downeffecten optreden van economisch sterke naar zwakkere regio’s. Omgekeerd profiteren de sterkste regio’s wel van investeringen elders in Nederland.
Regionale investeringen ter versterking van specifieke regio’s slaan dus (gedeeltelijk) neer in de economisch sterkste Nederlandse regio’s (Noord- en Zuid-Holland en Noord-Brabant). Er is dus sprake van een trickle-upeffect. De sectoren in andere regio’s zijn via toeleveranciersrelaties relatief sterk verbonden aan de bedrijvigheid in deze kennisintensieve clusters. Hierbij spelen regionale specialisatie en sterke clustervorming waarschijnlijk een belangrijke rol. Ontwikkelingen in deze sectoren slaan daardoor voornamelijk neer in het technologiecluster, dat wil zeggen
in de regio’s waar deze activiteiten en activiteiten verderop in de waardeketen zijn
geconcentreerd (Noord-Brabant, Zuid-Holland en Noord-Holland), en in het cluster van
kennisintensieve diensten (Utrecht en mindere mate Noord-Holland).
19th February 2020